DAVENTRIAAN 2003, AFLEVERING 6
INHOUDSOPGAVE
1. De start
2. Loopathon 2003
3. Van de bestuurstafel
4. Interview: Arend Karenbeld
5. Uitgelicht... Gerard Gerritsen
6. Wedstrijdkalender
7. Oud-Daventria-veteranen uitstapje
8. Wedstrijdkrant
9. Loopathon 1989
10. Uut de olde deuze
11. De finish
| Colofon Daventriaan
70e jaargang Uitgave: augustus 2003 Redactie: Koen van Bremen, Izak Patty, Wieger Wiggemans Email: daventriaan@hotmail.com Verschijningsdata: 6x per jaar Druk: PCS Deventer Inleverdata kopij: Uiterlijk de eerste week van de maand van verschijnen. |
1. DE START
Beste Daventrianen,
Aan het einde van de zomervakanties verschijnt er wat vroeger dan verwacht de
4e editie van dit jaar.
De reden hiervoor is de LOOPATHON die 12 september zal plaatsvinden. De voorbereidingen
hiervoor zijn in volle gang.
In deze Daventriaan vinden jullie een informatieblad en een formulier waarop
jullie sponsoren kunnen noteren. Jullie helpen toch allemaal mee? Het geld is
hard nodig voor het nieuwe clubhuis!!!
Het thema van dit blad is dan ook loopathon. Aandacht is er voor het laatste
loopathon evenement, dat we gehad hebben in 1989. Verder verspreid door de Daventriaan
enkele foto’s van de huidige situatie; ter vergelijking als straks het
nieuwe clubhuis af is! Gerard Gerritsen wordt uitgelicht, in de finish het vervolg
van het ’loopverhaal’ en John Pelgröm doet dit keer het bestuurswoordje.
Wel wat minder artikelen dan normaal in deze zomereditie, maar toch veel leesplezier
gewenst,
De redactie
2. Loopathon 2003
Eindelijk is het dan zover! We gaan ons eigen Daventria-clubhuis bouwen. Na
vele constructieve gesprekken met de gemeente, de bank en de aannemer, zijn
we er in geslaagd onze ideeën gestalte te geven. Als echt alles mee zit
zouden we ons clubhuis in oktober van dit jaar feestelijk kunnen openen, maar
dit tijdstip blijft nog een vraagteken.
Iedereen weet het, onze club is geen rijke club. Onze club is wel een heel actieve
club met een plezierige clubgeest en het is vooral die clubgeest die we graag
in ons nieuwe clubhuis willen krijgen. Daar zullen we met ons allen ons best
voor doen.
Daarnaast hebben we geld nodig. Geld voor inventaris, oftewel tafels, stoelen,
een bar en glazen en nog veel meer andere zaken.

Het oude clubhuis en thuishonk van Daventria.
Reeds een rood/geel ‘nest’ blijft bestaan en in gebruik door de
GA Eagles.
AV Daventria krijgt een eigen clubhuis!
We willen daarom, en noteer het alvast, op vrijdagavond 12 september 2003 een
loopathon houden. Heel kort gezegd komt een loopathon neer op het je laten sponsoren
voor het deelnemen aan de loopathon. Bijvoorbeeld elk rondje dat je op de baan
loopt is goed voor een bepaald geldbedrag dat je krijgt van een familielid,
vrienden, kennissen, buren etc. Het kan natuurlijk ook in de vorm van een vast
bedrag.
Tijdens de loopathon doen onze jeugdleden, prominenten (gerenommeerde Daventrianen
zoals naar wij hopen Gerard Nijboer, Roelof Veld en vele anderen, waaronder
ook onze burgemeester en enkele wethouders) en de grote groep van leden van
12 jaar en ouder mee.
Natuurlijk doe jij ook mee, we mogen toch op je rekenen?
Nadere informatie verderop in deze Daventriaan.
Namens de wedstrijdorganisatiecommissie,
Joop Vierveijzer
Wegens de vakantie hebben we deze maand geen vergadering gehad. In deze tropische temperaturen is het in de bestuurskamer ook niet uit te houden. We houden echter als bestuur ook zonder vergaderingen wel contact over de belangrijke lopende zaken.
Zoals Ed in de vorige Daventriaan al meldde is de gemeente accoord gegaan met
de subsidie voor ons nieuwe clubgebouw. Hiervan hebben we eind juni schriftelijk
de bevestiging ontvangen van H. Pelleboer van de gemeente. Ondanks deze subsidie
en de eigen middelen die we overgehouden hebben aan ons aandeel in de verkoop
van het oude clubhuis komen we er hiermee echter nog niet. Een deel van de bouwkosten
zal gefinancierd moeten worden. Samen met Gerard Harleman ben ik druk bezig
deze financiering rond te krijgen.
Een groot deel van de benodigde middelen voor het clubhuis hopen we nog te genereren
uit de loopathon, welke op 12 september 2003 gehouden zal worden bij het (oude)
clubhuis. De voorbereidingen hiervoor zijn in volle gang. We verwachten een
overweldigende deelname van Daventria-atleten.
Eerst is er nog de midzomerloop in Schalkhaar, mede georganiseerd door onze
vereniging. Deze loop wordt op 31 augustus aanstaande gehouden. Ook hier verwachten
we veel Daventria-atleten aan de start.
Tussen deze twee evenementen in hebben we nog de IJssel-regatta. Dit festijn wordt in samenwerking met roeivereniging Daventria georganiseerd op 7 september. We hebben de Welle dan over een afstand van 3 kilometer ter beschikking om samen op te lopen met de roeiers die gelijktijdig op de IJssel varen.
Al met al voldoende evenementen om naar uit te kijken. Hopelijk zijn de temperaturen op deze data iets aangenamer dan vandaag (9 augustus 2003), zodat de prestaties optimaal zijn.
John Pelgröm
<<TERUG4. Interview met Arend Karenbeld
Oud trainer-coach Karenbeld: 'mijn werkwijze was helemaal niet spectaculair'
Niet spectaculair, maar zijn werkwijze leidde wel tot opmerkelijke prestaties
in de persoon van Gerard Nijboer. Een Europese titel op de Marathon in Athene
1988, een tweede plaats bij de Olympische Spelen in Moskou 1984 en de beste
Nederlandse prestatie op de marathon ooit van 2.09.1 uur. Er waren ook andere
atleten die het onder de trainingstechnische begeleiding van Karenbeld tot uitstekende
atletiekprestaties brachten.
De aanleiding voor dit interview vormde de recente opzegging van zijn ALV-lidmaatschap.
Na 50 jaar atletiek, waarvan 40 jaar trainerschap is de tijd rijp voor ongebondenheid
en blijft nu nog over het coördinatorschap van een regionaal loopproject
in het Noorden van het land. In een sfeer van bescheidenheid komt het tot interessante
gedachtewisselingen over onderwerpen als vakmanschap, trainingsaanpak en werkwijze,
trainingstechnische ontwikkelingen, samenwerking en de toekomst van de atletiek
in Nederland. In dit artikel in een notendop 50 jaar ervaring van een groot
atletiekman, die ooit door oud-sportjournalist Jan Blankers als atleet te klein
(Arend Karenbeld meet slechts 1.66m) werd bevonden om echt een woordje mee te
kunnen spreken.
Uitdagingen
Waarom hij ooit is begonnen met het trainen en coachen van atleten? Als eerste
noemt hij zijn liefde voor het lesgeven en het omgaan met sportieve mensen,
die er veel voor over hadden om de grenzen van hun kunnen te leren ontdekken.
Vooral de begeleiding van jeugdige talenten (15-20 jaar) op weg naar atletische
volwassenheid sprak hem aan. In die fase wordt naar zijn mening het fundament
gelegd voor topprestaties. Het meebeleven van hun successen, de beloning voor
hun harde werken, was ook één van z’n drijfveren. Maar ook
van de soms enorme vooruitgang van de minder getalenteerden vanwege hun grote
inzet en betrokkenheid in de atletieksport deed Karenbeld bijzonder goed. Een
ander argument voor zijn passie voor het trainer-coachschap kwam mede voort
uit z’n eerste atletiekervaringen als atleet, die niet bepaald uitdagend
waren te noemen, terug te vinden in de omschrijving van de stimulerende (meer)waarde
van een kundige trainer.
De atleet Arend Karenbeld
Via zijn gymleraar op de HBS in Deventer, vlakbij zijn woonplaats Diepenveen,
werd de 1.66 m grote "Kleine Karenbeld" uiteindelijk in 1951 lid van
AV Daventria te Deventer. Hij was toen 18 jaar. Zowel in 1951 als 1952 werd
hij bij de A-junioren Nederlands Kampioen op de 300 m. De 400 m stond toen voor
junioren nog niet op het wedstrijdprogramma. Vanwege militaire dienst en de
weinig uitdagende atletiektrainingen in Deventer, "je rommelde maar wat
aan", kreeg het voetballen weer de hoogste prioriteit. Pas in 1956 werd
de atletiek onder leiding van een wèl deskundige trainer in de persoon
van Jan Hindriks van Pegasus uit Groningen weer opgepakt. In combinatie met
de ALO-opleiding drong Karenbeld eind jaren ’50 door tot de top van Nederland
op de 400 m. Zijn beste sprintprestaties op sintels gelopen waren: 100 m in
10.9, 200 m in 21.8 en 400 m in 49.1 Zes maal liep hij voor de Nederlandse ploeg
mee in interlands en had de eer uitgenodigd te worden voor een aantal trainingen
onder leiding van de Duitse trainer Bertl Summer, die een onuitwisbare indruk
op hem wist te maken. Een ernstige achillespeesblessure in 1960 zette een streep
door Karenbeld’s plannen om na diplomering aan de ALO er een aantal jaren
écht voor te gaan.
Welke aansprekende atleten begeleidde Arend Karenbeld naast Gerard
Nijboer nog meer?
Klaas Kanis: de eerste hoogspringer in Nederland over 2m.; Nederlands Record
met 2.01 met de straddle-techniek
Tineke Hidding: meerkamp, ver en horden
Cobi Körmeling: 4x400m EK 1978 in Praag
Roelof Veld: 8 nationale titels o.a. op steeple, 10 km. baan, 25 km. weg en
marathon + deelname aan EK marathon in 1978 in Praag
Henk Mentink: 6x WK-Cross in 1976-1982
Gerard Mentink, 5 km./ marathon
Ineke en Ada Dieperink en Saskia Brouwer: 800-1500-3000m. lopers
Annique Goudemond: 100/200 WJK in 1988 Sudbury en EJK in 1989 Varazding
Eddy Kiemel: EJKm. in 1989 en WJK in 1990
Nannet Karenbeld: 100/200/400m.
Yasin Mahamoud: 400/800m.
Vakmanschap
Gevraagd naar welke 3 eigenschappen van een trainer-coach Arend in de trainingstechnische
begeleiding het meest belangrijk vindt komt hij tot de volgende opsomming:
- het belang om fouten in het bewegingsverloop te herkennen en die op een doelmatige
manier te kunnen corrigeren voor prestatieprogressie en blessurepreventie;
- het zoeken/vinden van een optimale balans tussen belasting en herstel voor
elk individu, met name bij toppers. In dit verband is het, zo zegt Arend, belangrijk
goede kennis te hebben van de trainingsleer; "je moet je atleten goed observeren,
controle- en evaluatiemomenten inbouwen en de atleet zijn trainingsbevindingen
laten noteren in een logboek";
- goed kunnen communiceren met de atleten. "Je moet ze kunnen stimuleren,
motiveren en vertrouwen geven. Daarmee schep je een optimaal trainingsklimaat
en dat is van belang voor een succesvolle en plezierige, langdurige atletiekbeoefening".
Trainingsaanpak en –werkwijze
Wanneer het over trainingsaanpak en werkwijze te spreken komt, wordt duidelijk
dat een aantal uitgangspunten in de trainerscarrière van Karenbeld telkens
als leidraad hebben gediend. De belangrijkste daarvan op rij:
- niet de prestatie staat centraal, maar de presterende atleet;
- zorg voor een plezierig en optimaal trainingsklimaat, waar iedereen zich thuis
voelt, het idee heeft aan z’n trekken te komen en waar bepaalde regels
gelden;
- zorg voor een planmatige, logische opbouw, die steeds gecontroleerd en geëvalueerd
moet worden op zijn rendement. Beter werken met een fout plan, dat na een bepaalde
periode kan worden bijgesteld, dan werken zonder plan;
- vermijd dat de atleet te afhankelijk wordt gemaakt van zijn trainer; breng
zelfstandigheid en eigen verantwoording aan;
- bevorder het "samen trainen"; dat motiveert en stimuleert meer en
komt de prestatie ten goede.
Loopbaan van Karenbeld als atletiektrainer
Eind jaren ‘60-’79: AV Daventria, B-junioren t/m senioren. Eerst
alle disciplines uiteenlopend niveau later alleen loop- en springnummers;
1979 - ?: persoonlijk trainer diverse atleten;
? - ?: Jeugdgroep ATC '75;
1995-2000: Mila-trainer bij Argo '77;
2000-heden: Coördinator Regio Atletiekproject "Veelzijdig Lopen"
Sprint/horden en Mila.
Trainingstechnische ontwikkelingen
Eén van de meest interessante onderwerpen dat vervolgens aan bod komt
is de manier waarop Arend met trainingstechnische vernieuwingen is omgegaan.
Stellig is hij in zijn opvatting dat van klakkeloos overnemen nooit sprake is
geweest. Maar dat is wat anders dan er nooit voor opengestaan te hebben. Kritisch
bekijken was zijn motto. Werden de nieuwe inzichten als "dogma’s"
gebracht of nieuwe trainingsmiddelen door de commercie gepusht als het "ei
van Columbus" dan werden ze terzijde gelegd. Veel conclusies konden ook
niet geprojecteerd worden op topsporters. "De meeste veranderingen die
ik meestal geleidelijk heb doorgevoerd zijn toe te schrijven aan het veel en
kritisch lezen van vakliteratuur, openstaan voor praktijkervaringen van andere
trainers, maar ook van die van je eigen atleten". Wat in zijn beleving
de grootste verandering heeft ondergaan blijken zijn opvattingen te zijn over
belasting en herstel. Met name dat laatste heeft hij achteraf bezien wel eens
onderschat. Met testen was hij terughoudend "te vaak modeverschijnselen
in plaats van brengers van adequate informatie". Overtuigd is hij wel van
het nut van bloedonderzoek en dan met name het ijzergehalte bij vrouwen; "vrijwel
altijd te laag", zo kwam naar voren. Ook voor Marathonlopers essentieel,
maar in de tijd van Karenbeld slechts beperkt of moeilijk te realiseren. Tussen
het tijdstip van afnemen en bekend worden van de uitslag zat vaak qua tijd een
te groot gat om er altijd adequate conclusies aan te kunnen verbinden.
Karenbeld: "mijn werkwijze was helemaal niet spectaculair"
Een gemiddelde, ca. 2 uur durende clubtraining van Arend Karenbeld kende gemiddeld
genomen de volgende indeling en inhoud:
- 8-10 min. zelfstandig inlopen (lange afstandlopers ca. 15 min.);
- ca. 10 min. losmakende en veel dynamische oefeningen ("draai en zwaai"
in gaan en op de plaats). De warming-up is meer dan wat rekken en strekken.
- ca. 10 min. loop ABC’s ook met horden;
- ca. 20 min. coördinatie- en sprintlopen met veel variatie;
- opdracht volgens programma bij voorkeur in groepjes;
- zelfstandig uitlopen
Samenwerking
Een actueel onderwerp nu is de samenwerking tussen trainer-coaches. Karenbeld
heeft daar een duidelijke mening over en betreft zowel de samenwerking van trainers
binnen de club als daarbuiten. "Voorwaarde is", zo zegt hij, "dat
er sprake moet zijn van een meerwaarde. Dat hoeft niet altijd zo te zijn en
dat is ook niet altijd zo. Niet mee willen doen hoeft bovendien niet altijd
gezien te worden als onwil. Afwezigheid van persoonlijk trainers bij bijvoorbeeld
centrale- of regionale trainingen wordt nogal eens uitgelegd als onwil of desinteresse.
Ik geloof daar niet zo in temeer als bedacht wordt dat clubtrainers meestal
vrijwilligers zijn, die in het weekend vaak belast zijn met clubtrainingen,
wedstrijden of andere clubactiviteiten. Daar komt bij dat zij voor het bijwonen
van bijeenkomsten voor reiskosten etc. doorgaans aangewezen zijn op de eigen
portemonnee". En dat heeft natuurlijk zijn grenzen. Verder blijkt dat Karenbeld
ook belang hechtte aan samenwerking met het Bondsbureau (de technisch directeur,
bondscoaches, medische commissie). Zelf heeft hij in dat opzicht veel medewerking
ontvangen, maar merkt daarbij op wel altijd zijn wensenpakket, als trainingsplan
etc., duidelijk op rij te hebben gehad.
Toekomst
Tenslotte de toekomst van de atletiek in Nederland. Voor de wegatletiek ziet
Karenbeld de toekomst rooskleurig, voor de baanatletiek ligt dat anders. Topsport
en dus topatlete horen bij de maatschappij. Ook in de toekomst zullen er talentvolle
atleten zijn die het een uitdaging vinden om op het hoogste niveau te mogen
en kunnen strijden. Echter Karenbeld waarschuwt voor te hoge verwachtingen en
te hoge eisen. Niet alleen op internationaal niveau, maar ook op nationaal niveau.
Een te streng selectiebeleid zal bij een aantal subtoppers die niet aan het
NK mogen deelnemen een prikkel ontnemen om nog langer aan atletiek te doen.
Het terugdringen van de terugloop bij de C-junioren is in zijn beleving gekoppeld
aan de vraag of trainers in staat zijn de jeugd te (blijven) boeien. De aantrekkingskracht
van atletiek ligt in het uitdagend meten om hoger/verder te springen, sneller
te lopen en te werpen. "Oplossingen door te vluchten in plezier zonder
dat kinderen leren wat atletiek is dragen daar niet aan bij" vindt Karenbeld.
Trainers moeten een optimaal atletiekklimaat weten te scheppen, waarin jeugdigen
veel leren. Door met plezier te werken, leren atleten hun atletische mogelijkheden
en onmogelijkheden en voorkeur ontdekken. Ze nemen de vooruitgang in eigen prestaties
waar en ervaren wat winnen en verliezen. Een ander aspect is het accepteren
en waarderen van elkaars prestaties. Leren met elkaar om te gaan en elkaar te
helpen."
Atletiektraining geven is een heus vak, met name ook bij de jeugd zo stellen we afsluitend vast. Voor mij is duidelijk dat Arend Karenbeld daaraan een grote bijdrage heeft geleverd.
(Bron: Proloop 2/2003(een interview van Arend Karenbeld (erelid Daventria)
door Betty Hofmeijer (oud-Daventria-lid)).
Zondag 5 oktober 2003

AV DAVENTRIA 1906
![]() |
![]() |
![]() |
| WIE | WAT | AANVANG |
| Pupillen en CD junioren | Meerkamp | 10.15 uur |
| AB junioren en senioren | Meerkamp | 10.15 uur |
| 5 km | 12.45 uur | |
| 3 km | 12.15 uur | |
| Recreanten | Meerkamp(1) | 10.15 uur |
| Mini-meerkamp(2) | 13.00 uur | |
| 5 km | 12.45 uur | |
| 3 km | 12.15 uur |
<<TERUG1. Meerkamp AB junioren en senioren: 100, 800d/1500h, ver, hoog, kogel en discus
2. Mini-meerkamp recreanten: ver, kogel en 800d/1500h
OPGEVEN:
Pupillen en CD junioren: Iedereen wordt automatisch ingeschreven
AB junioren, Senioren en Recreanten: Via opgavelijst prikbord bij de kleedkamer of rode keet bij de baan of via: otten202@zonnet.nl
Geboren: 30 april 1954
Burgerlijke stand: Getrouwd met Henriette, vader van Jessica 17 jaar en Roy 14 jaar
Lengte en gewicht: 1.80 m en 73 kg
Beroep en opleiding: LTS Op 16-jarige leeftijd postopleiding in Rotterdam 32 jaar werkzaam bij TPG post als postbesteller / postbussenmedewerker
Hobby’s: Hardlopen / vissen / visvijver in de tuin [koi karper] fietsen / kievitseieren zoeken
Favoriete eten: Chinees / stampot
Favoriete CD: BZN / Frans Bauer
Atletiekonderdeel: Lange afstand
Persoonlijke records: 5000m 17.40.0 baan Deventer 1995 — 10.000m 36.42 in Elspeet 1998 — Halve marathon 1.20.58 in Warnsveld 1995
Hoogtepunt: Westland Marathon 2.57.55 in 1995
Dieptepunt: Het overlijden, door een triest ongeval, van loopmaatje Joop Boogmans op 6 mei 1999
Toekomst in atletiek: Blijven lopen en hopelijk blessurevrij
Daventria: Een fijne vereniging
| Gerard is al jaren actief in de groep van Jan Strijker. Gerard kreeg de vorige Daventriaan het estafettestokje in handen. Dat was blijkbaar niet voldoende, want Gerard wilde graag uitgelicht worden! Zie hier het resultaat! |
6. Wedstrijdkalender
Baanwedstrijden
Augustus
22. 3e instuifwedstrijd Apeldoorn
27. Robin Bijsterveld Memorial Hengelo
28. Deltion IJsseldelta Baancircuit 4e wedstrijd Meppel
30. Pupillen en junioren CD wedstrijd Haaksbergen
31. Utrechtse Instuiffinale Utrecht
September
3. Najaarsinstuif Amersfoort
3. Werp 3-kamp Eibergen
3. Werp 3-kamp Harderwijk
6. Nazomerwedstrijd Utrecht
6. 2e Sisu pupillen en junioren medaillewedstrijd
18. Coopertest + 5 km Epe
20. Deltion Ijsseldelta Baancircuit finale Zwolle
25. LAAC Twente Baaninstuif
27. Pupillenwedstrijd Holten
Oktober
5. Clubkampioenschappen AV Daventria 1906
7. Herfstinstuif Epe
7. Coopertest, 5 en 10 km wedstrijd Harderwijk
26. Recordindoor Enschede
Weg/Crosswedstrijden
Augustus
23. Punterloop Giethoorn
26. Salverda Berkumloop Zwolle
31. Midzomer Trimloop Schalkhaar
September
5. Twenterand Rab Karcherrun Vriezeveen
6. Hanzeloop Warnsveld
7. 1/3/5 IJsselloop Deventer
20. Newline Halve Marathon van Hattem
20. Halve Marathon Uden
21. Halve Marathon van Hoogland Amersfoort
28. Posbankloop Velp
Oktober
5. Zes Uursloop Amersfoort
5. Panbos Trimloop Zeist
11. Halve Marathon van Loenen
18. Mac Donalds Reest Halve Marathon Meppel
25. Wilgenweard Diepehel Holterbergloop Holten
26. Halve Marathon van Doetinchem
26. Greyf's Interim Bosloopcompetitie Harderwijk
7. Oud-Daventria veteranen uitstapje
Waarom een voetbalverhaal in een atletiekblad?
Een aantal voetballeden van Daventria zijn namelijk donateur geworden van onze
atletiekvereniging. Vandaar dit artikel. Wellicht volgende Daventriaan weer
een bijdrage van onze voetbaldonateurs
Omdat Be via zijn aangetrouwde kleinzoon een perfect reisarrangement naar de grote voetballocaties in Amsterdam had weten te organiseren en Swier via een ingewikkeld kruisjes-systeem iedere maand alle deelnemers had kunnen bewegen tot gereglementeerde inleg, ging een zesentwintig koppig veteranenteam van Oud-Daventria op 21 Mei 2003 per bus op weg naar de hoofdstad. Het goed voorbereide fietsenplan (stalling in de garage van Be) viel in duigen, vanwege de neergutsende regen, zodat de meeste van dit dauwtrappersgilde alsnog voor de auto had gekozen. Opstappen dus op drie plekken, ook bij “de Cantarel”in Apeldoorn voor de meereizende buitenleden.
Nadat de chauffeur op handige wijze de A1-file wist te ontwijken, waren we
volgens schema om ca. 10 uur bij het Olympisch Stadion oorspronkelijk een thuisbasis
voor de voetbalvereniging “Rap” zou worden, bracht mij tot een -
in de ogen van de anderen - zeer domme vraag. Ik kreeg dan ook geen antwoord
en werd naar de achterste rij verbannen. Maar niemand had door, dat ik als enige
van het gezelschap wist, dat de club “Run Amstel Progress” in 1899
nog om het kampioenschap van Nederland tegen UD had gespeeld… O,zo!
De ereloge hebben wij nog bestegen en de verhalen over de legendarische wedstrijden,
die er in al die vervlogen jaren aldaar zijn gespeeld, werden door menigeen
breed uitgemeten. En ik maak me sterk, dat als er een bal in het veld had gelegen:
“de bakker”nog het veld was ingerend om hem te beroeren!
Om half twaalf wed daarna koers gezet naar het jeugdcomplex “de Toekomst”
van Ajax. Maar niet, voordat we onze gids hartelijk hadden bedankt voor de rondleiding
en aangezien Henk slechts een Deventer Koek bij zich had, werd besloten deze
als dank aan de jongeling te geven. Toen ik langs mijn neus vroeg of hij er
blij mee was en wel eens had gehoord van zo’n speciale koek, zei hij:
dat hij oorspronkelijk uit Gorssel kwam en zeer wel op de hoogte was van zo’n
lekkernij…!
Een oudgediende van Ajax leidde ons rond in de catacomben van het jeugdcomplex
en zo konden wij een kijkje nemen in de kleedkamers, krachthonk en beweegbaar
zwembad ten behoeve van de verwende Ajax-jeugd. Buiten mochten we het kunstgrasveld
bewonderen en wij vroegen of er voor ons nog een mogelijkheid bestond om hierop
even te kunnen penaltyschieten. Niet dus, ook zelfs niet , toen wij met nadruk
aankondigden: iemand (Otto dus) binnen onze gelederen hadden, die al eens bij
zo’n gebeurtenis zo hard had geschoten, dat het net er van in de brand
was gevlogen…!

Om een uur gingen wij aan tafel in “Soccerworld” voor een warm
broodje en harde boter met een aardappelkroket. Genoeg en voedzaam voor senioren,
waarna wij ons opmaakten voor een rondleiding in de Arena. Twee enthousiaste
jongelingen brachten ons allereerst naar de rand van het veld voor een groepsfoto,
waarna wij onze mening mochten spuien over de accommodatie in de perskamer van
het complex. Het was Jan, die mij bijna nog verleidde tot een “Maidenspeech”
(dit is oe kans Toon!), maar wij moesten alweer verder voor het overzicht van
het veld vanaf de hoogste ring. Je zult maar willen juichen bij een doelpunt
en uit je bol gaan; je ligt gegarandeerd een tiental plaatsen lager na te kreunen..!
Levensgevaarlijk dus.
Tot slot even een kijkje in de immense controlekamer van het complex (de VIP-rooms
waren taboe voor ons als gewone passanten), en daar konden we ons (Ale en ik)
nog even uitleven, door achter de microfoon ons favoriete lied over “Wolter”ten
gehore te brengen. Niemand hoefde dit duet serieus te nemen, aangezien de microfoons
toch uitgeschakeld waren!
Daarna gingen wij nog een drankje nuttigen in vak 111 en mochten we ons vergapen
aan de Ajax vergaarde attributen, door hen veroverd tijdens een spectaculaire
“Championswedstrijden” . Toen het vertreksein werd gegeven voor
de Oostelijke terugtocht bleken de Bakker en de Slager zoek te zijn. En zonder
hen was het niet mogelijk om het in de “Cantarel “op ons wachtende
buffet te lijf te gaan, want wat moest je zonder hun deskundige oordeel over
“de pittige gehaktballetjes en het vetgehalte van de beenham?” Zij
werden ten leste uit de bioscoop geplukt, en om 17 uur dus ook aanwezig bij
het slotaccoord van dit bijzondere uitstapje. Bij terugkomst in Deventer stapten
de “Oldies”ten slotte zeer voldaan via diverse plekken langs de
Rembrandtkade uit de bus, om vervolgens thuis geen pap meer te zeggen en uitgeput
het bed opzochten.
Een prachtige dag was ten einde en een ieder, die aan de organisatie had bijgedragen
en had deelgenomen; kijkt met voldoening terug op dit zeer geslaagde uitstapje.
Toon
<<TERUG8. Wedstrijdkrant
Dorpsloop De Lutte
DE LUTTE - Enthousiast publiek, bandjes, cheerleaders , kermis, veel water,
sponzen en prettig weer. 4 rondjes van 2,5 kilometer en enkele veteranen van
Daventria aan de start. De winnaar was een Keniaan Johan Kimeli die op het toch
niet bijster snelle parcours 29.49 op de klok zettte.
Gerard Nijboer was na jaren geen wedstrijd te hebben gelopen toch de snelste
Daventriaan hij werd 3de in het Veteranen klassement in 35.26. Hans Bosman liep
naar een 5de plek in 35.35 en Wieger Wiggemans kwam als 10de binnen in 36.47.
Ook liepen er 4 recreanten mee namelijk Joop Viervijezer, Jan Stempher, Ellie
de Recht en Hennie Lindt.
Competitie c/d-junioren bij AV'34
APELDOORN – Op zaterdag 14 juni 2003 werd bij AV'34 de gebiedsfinale voor
c/d-junioren gehouden. Ook Daventria nam aan de wedstrijden deel. Een beste
prestatie bij het verspringen werd geleverd door Nolle Groen. Hij eindigde als
eerste met een sprong van 4.38 meter. Iris Olde Hanhof springt zowel hoog als
ver. Op beide disciplines was ze veruit de beste. Hoog 1.35 m en ver 4.44 m!
De volledige uitslag is te vinden op de website.
Twee clubrecords uit de boeken!
DEVENTER - Roy Spijkerman verbeterde op 20 juni bij een thuiswedstrijd in Deventer
een clubrecord uit de jaren '70 . De kogel werd door onze Terminator en A-pupil
gestoten en kwam neer na 10m en 52 cm. Klasse Roy.!
Seb Wiggemans liep in Veenendaal (28 juni) zijn eigen Clubrecord (A-pupil) op
de 1000m. aan flarden. Dat record staat nu op 3.10.8. Toffe race!
Simone Emens en Iris Olde-Hanhof liepen bij de D-junioren in Veenendaal ook
een schitterende race. Zij werden respectievelijk 1 en 3 op de 600m Tijden Simone
1.50 en Iris 1.53. Dat belooft nog wat.
Meer uitslagen zie internet Daventria en VAV Veenendaal. Via de KNAU site te
bezichtigen.
Elektronische tijdmeting bij instuifwedstrijd Daventria
DEVENTER - Op vrijdagavond 27 juni 2003 organiseerde AV Daventria 1906 een open
instuifwedstrijd voor wedstrijdatleten. Een avond met een wat tegenvallende
deelname, maar waar goede prestaties werden neergelegd en er een goede sfeer
was.
Het warme weer was ideaal voor de technische onderdelen en de kortere looponderdelen,
maar aan de benauwde kant voor de 5000 m en de 3000 m steeple chase. Om 19.00
uur werd gestart met het verspringen met daarin 12 deelnemers. Hieronder 3 Daventria-atleten,
die allen in een 6-meter-'strijd' verwikkeld waren: Jeroen, Dirk en Orlando.
Uiteindelijk bedwong Dirk de 6 meter met een sprong van 6.28 m, Jeroen sprong
5.91 m ver en Orlando kwam tot 5.88 m, met een ongeldige sprong (1 mm over de
balk) van 6.05 m.
EK onder de 21
Ook om 19.00 uur ging de 60 meter sprint van start. Ook op deze afstand een
wat teleurstellende deelname. De steeple chase liet nog even op zich wachten,
doordat de waterbak niet voldoende water bevatte om de wedstrijd officieel door
de KNAU te laten erkennen. Dit was nodig, want een van de deelnemers was Joost
Blokland, een topper, die streed voor een plaatsbewijs bij het EK onder de 21
jaar. Hiervoor moest hij een tijd van 8.44 min. lopen. Hij bleef echter steken
op 9.13 min. Overigens een toptijd helemaal in z'n eentje gelopen. Daventria-atleet
Marinus Jaspers waagde eveneens een poging om de horden en de waterbak te bedwingen.
Hij finishte kapot en nat, maar zeer voldaan in een tijd van 13.46 min.
Na de steeple chase volgden de 100 meter en later de 200 meter als onderdelen
van de driekamp sprint. Op de 100 meter werd een lage 11 seconden geklokt door
Mark Celie van Athlos. Dezelfde atleet finishte op de 200 meter als winnaar
in een verdienstelijke tijd 21.99 seconden.
Het hoogspringen kende wederom Dirk Miedema als winnaar met een sprong van 1.80
m, terwijl hij al geblesseerd was van het verspringen.
Sylvia Kruijer
Op de 800 meter startte bij de dames een Nederlandse topper, Silvia Kruijer.
Zij zegevierde oppermachtig in een tijd van 2.12 min. 'Een lekkere trainingsloop,
alleen balen dat ik niet bij de mannen in de serie mocht lopen', zei ze na afloop.
De 800 meter bij de heren (zie foto p. 24) leverde een debuutoverwinning voor
Edgar Minks op, in een tijd van 1.59 min. Na enigszins onstuimig van start te
zijn gegaan, kon hij met een grote 'verzuurde' krachtinspanning toch nog de
2-minutengrens doorbreken en revanche nemen op de mislukte race tijdens de competitie
enkele weken geleden. Paul Valk is langzaam weer aan de weg aan het timmeren
na zijn achillespeesblessure en liep een tijd 2.03 min.
De 400 meter horden die daarop volgde was een prooi voor Roel van Rossum. Hij
finishte in een tijd van 1.02 min. Voor Roel ietwat teleurstellend, maar dat
weet hij aan te weinig tegenstand, waardoor de laatste 200 meter moeilijker
zijn door te trekken.
Estafetteploeg
Een ingelaste 4x100 meter estafette voor het 'Team Daventria' leverde helaas
weer geen clubrecord op. Alhoewel de vier heren, Eddy, Roel, Jeroen en Orlando
alle drie een snelle sprint in de benen hebben, lieten ze het op de wissels
liggen met een tijd van 45.6 seconden tot gevolg.
5000 meter
De slotafstand, de 5000 m., liet een sterke race zien van Jan van den Broek,
die finishte in een 17.24 min. Wieger Wiggemans werd derde in 17.54 en Toon
Alex van de Graaf wint
BROEKLAND – Met zomerse temperaturen is zondag 13 juli de Kermisloop in
Broekland gehouden. De opvallendste prestaties voor Daventrianen waren de winst
van Alex op de 1800 meter, te tweede plek voor Peter Bakker op de 5km in 17.55
en de vierde plek op de 10km voor Koen van Bremen in 36.57. Op alle afstanden
liepen verder nog Daventrianen mee, zowel recreanten als wedstrijdatleten.
Zomeravondinstuif AV'34
APELDOORN - Op vrijdagavond 11 juli 2003 werd op de atletiekbaan van AV'34 de
jaarlijkse zomeravondinstuif gehouden. Voor Daventria namen o.a. deel Edgar
Minks en Toon Woertman.
Edgar Minks, die nog maar sinds kort aan baanatletiek doet, had zich ingeschreven
voor de 800 meter. In de 5e serie van de wedstrijden om de 800 meter liep Edgar
een tijd van 1.59.97 min. Daarmee schaarde hij zich in een select gezelschap,
dat onder de 2 minutengrens dook.
Toon Woertman nam deel aan de 3 km, die in 3 series werd afgewerkt. Toon moest
al in de 1e serie aantreden en finishte in een tijd van 10.43.86 min.
<<TERUG
9. Loopathon 1989
Ditmaal aandacht voor de vorige loopathon die AV Daventria gehouden heeft. Dit
evenement vond plaats op 6 oktober 1989. Doel was zo’n 25.000 gulden bij
elkaar te lopen om de realisatie van een kunststofbaan mede mogelijk te maken.
Dit doel werd uiteindelijk overschreden met 10.000 gulden!!!
In veel kranten werd bericht over de voorbereiding en het succes van de loopathon...

In september 1990 zou de kunststofbaan geopend worden
<<TERUG
10. Uut de olde deuze
Een praatje met Joop Frederiks
De Daventriaan, die ditmaal door mij werd "uitgehoord", woont niet bepaald in het centrum van Deventer. Vooral nu men aan het einde van de Mr. de Boerlaan een sluis bouwt, waardoor de weg naar Zutphen een omlegging onderging, leek mijn fietstochtnaar hem wel een etappe naar de Tour de France. Joop Frederiks, wonende op de Fennenoordsweg vindt deze omlegging echter niet zo erg, want nu komt hij elke dag een paar maal langs de sintelbaan, waaraan hij zijn hart verpand heeft.
Toen Joop 13 jaar was, kwam hij via de schoolwedstrijden bij Daventria. In het begin liep hij de 800 m., maar boekte geen successen. Al heel spoedig, veel te vroeg eigenlijk wat zijn leeftijd betrof, ging Joop midden- en lange afstanden lopen. Hierbij was hij echter in zijn element.
Op 30 maart 1946, Joop was toen dus 16 jaar, werd hij te Apeldoorn Oostelijk Kampioen bij een veldloop voor junioren over 1500 m., tijd 4 min. 48 sec. Daarna volgden de successen elkaar op, meestal tweede en derde prijzen een enkele maal ook een eerste.
Hiervan wil ik memoreren: Een derde prijs op 31 augustus 1947; de 3000m in 9 min. 42 sec. De tweede prijs op de 3000 m, bestaande uit een lauwerkrans, bij de opening van het sportpark te Kampen in 1948. En een eerste prijs bij een veldloop over 4 km te Hattem op 24 april van dit jaar. Dit is tot nu toe de laatste wedstrijd van Joop, want bij deze veldloop kreeg hij, wat wij noemen een "knietje". Wat het eigenlijk precies is, weet hij niet. De dokter zegt "rust" en zo zullen we Joop waarschijnlijk voor September niet meer op een wedstrijd zien uitkomen. Over een verloren seizoen echter niet getreurd. Hier volgen zijn beste prestaties op de diverse athletieknummers: 800m in 2 min. 13 sec; 1500m in 4 min. 26 sec.; 3000m in 9 min. 42 sec.; discuswerpen ruim 30m. Verder zat hij in 1947 in de Oostelijke ploeg voor de wedstrijd Twente-Oost te Nijmegen.
Boven dit stukje staat nu wel een praatje met Joop, maar in werkelijkheid heeft de gehele familie Frederiks er aan meegeholpen. Het babbeltje vond n.l. plaats in de gezellige huiskamer. Joops moeder zorgde voor de thee; Tineke, ook al lid van Daventria, luisterde en Joops vader hielp zijn zoon denken om een aardig voorval, waard om aan het papier te worden toevertrouwd, op te diepen. Het was een goede hulp. De Hr. Frederiks heeft als toeschouwer heel wat uit- en thuiswedstrijden meegemaakt. Vele merkwaardige gebeurtenissen passeerden dan ook de revue. Maar de clou was wel een verhaal, dat Joop niet direct persoonlijk betreft. Ik vroeg: "Van wie heeft Joop nu de aanleg voor hardlopen, van vader of van moeder?" Men wist het niet, doch het volgende voorval verklaart veel. Laten we de Hr. Frederiks aan het woord: "Vroeger heb ik ook eens aan wedstrijd deelgenomen. Het ging toen echter anders dan nu. Het ging er niet om wie het langst kon volhouden. De wedstrijd vond plaats in de Lange Zandstraat. Er werd gelopen van het begin van de straat tot bij de fabriek van Ankersmit en weer terug. Ik legde deze afstand achttien maal achter elkaar af en werd eerste en bezitter van een medaille, De Hr. Beldman, een tijdje geleden nog gymnastiekleraar te Deventer, deed het zeventien keer en werd tweede. (we vragen ons natuurlijk af wat voor tempo het geweest is).
Joop doet echter niet alleen aan athletiek, hij is ook nog lid van de Deventer Kano Vereniging en van de Ned. Ver. Voor het bevorderen van het hardrijden op de schaats.
<<TERUGOp het moment dat ze vlak achter de man en vrouw lopen, draait de vrouw zich plotseling om. Ze kijkt afwachtend hun richting op, maar zegt niets. Haar handen klemt ze om haar rugtas. Schuin achter haar staat de man. Hij lijkt niet op z’n gemak.
Even lijkt een patstelling te ontstaan, waarbij de man en vrouw tegenover Joost
en Pieter staan.
Maar Pieter kan zich niet langer inhouden: “Hebben jullie onze trainingsjassen?”
vraagt hij boos. De vrouw lijkt niet verbaasd en pakt direct de jasjes uit haar
rugzak. Dat gaat wel heel makkelijk denkt Joost. Hij had verwacht na de spectaculaire
klopjacht toch minstens wat weerstand te zullen krijgen.
“Waarom nemen jullie die nou mee?” vraagt Pieter kwaad. De vrouw antwoord: “We wisten niet van wie die jasjes waren en om te voorkomen dat iemand anders ze zou meenemen hebben wij ze maar meegenomen”. De man knikt instemmend, maar lijk zich nog steeds wat ongemakkelijk te voelen bij de ontstane situatie. De vrouw vervolgt: “Stel dat iemand ze was verloren, of vergeten.”
Pieter kan er met z’n hoofd niet bij: “Je ziet toch dat wij geen jasjes aan hebben! We lopen ook nog eens op en neer tot bij de plek waar we je de jassen neer hadden gelegd! Dan neem je zoiets toch niet mee!” De vrouw, die zich aangevallen voelt, antwoord: “Jullie zeiden toch niets, hadden jullie maar moeten zeggen dat ze van jullie waren.
Joost die de vrouw ongelovig aankijkt: “Maar dat is toch de omgekeerde wereld, je neemt toch niet mee wat niet van jou is, omdat toevallig niemand heeft gezegd dat het van hem of haar is!” De vrouw zegt snibbig: “Nou, we gingen het anders naar het politiebureau in Nijverdal brengen, dan konden jullie ze daar ophalen”.
Ze kijkt naar de man en vervolgt: “Wij zijn gewoon wandelaars, dat jullie zo boos doen, vind ik asociaal. Hebben jullie geen vertrouwen in mensen?”
Nu heeft Pieter het helemaal niet meer, nu worden zij nog beschuldigd en aangevallen. Hij weet even niet meer wat hij moet denken. Hebben ze nu wel of niet met goede bedoelingen die trainingsjassen meegenomen. Hij gelooft er niets van. Die kerel kijkt ook zo raar. Ja, en die vrouw die is veel te goed gebekt, die lult zich overal wel uit.
Kwaad gaat Pieter de discussie weer aan, maar de vrouw heeft zich of goed ingedekt, of vertelt echt de waarheid.
Joost, die allang blij is dat hij z’n nieuwe jasje terug heeft, heeft het helemaal gehad en zegt: “Kom op Pieter, we gaan! We moeten onze training ook nog afmaken.”
Het heeft toch geen zin om hier eindeloos over te discussiëren. We komen er toch nooit achter wat die mensen bezielt, denkt hij bij zichzelf. Pieter lijkt de strijd nog niet op te willen geven en doet nog één laatste poging de vrouw te verleiden zichzelf tegen te spreken.
“Jullie hadden toch ook aan ons kunnen vragen, of die jasjes van ons
waren?” De vrouw antwoordt: “Als we dat gedaan hadden, dan hadden
jullie misschien wel gezegd dat ze van jullie waren, terwijl dat helemaal niet
zo was!” Pieter: “Hallo! Je had ’t zonet zelf over vertrouwen
in de mensen hebben, wie heeft er hier nu geen vertrouwen?!?”
De vrouw weet zich echter weer zo op te stellen, dat het net lijkt dat het allemaal
de schuld is van Joost en Pieter. Pieter weet het ook niet meer en wordt steeds
moedelozer. Het is hopeloos denkt hij.
Op dat moment zegt Joost voor de grap: “We kunnen hier wel wat over schrijven voor in de Daventriaan.” Raar maar waar is dit voor de vrouw het sein om haar naam en adres te geven, zodat ze de Daventriaan opgestuurd kan krijgen.
Tijd om te vertrekken, denkt Joost en hoofdschuddend vervolgen ze hun weg. Van trainen komt toch niets meer. En begrijpen waarom mensen spullen van andere mensen uit het bos meenemen, doen ze al helemaal niet. In ieder geval knopen ze in vervolg al hun spullen altijd om!
<<TERUG